Kruidenwandeling en Pioenroos

Kruidenwandeling bij Jonchères

Kruidenwandeling bij Jonchères

Wandeling bij Joncheres gelegen op 948m, naar Col de Volvent op 1427m (90')), Praloubeau crête 1470m naar antenne (60'), afdalen naar Col de la Motte op 1299m (15’), daar naar links naar Jonchéres (70') in totaal ongeveer 4.00 uur wandelen. Vertrek Jonchères gesitueerd op D 61 de weg van Luc en Diois naar La Motte-Chalancon in de Franse Drôme-Diois.


We vertrekken in een piepklein dorpje Jonchères, tussen Luc en Diois en La Motte Chalacon op een hoogte van 948 meter. Een twingtal huizen met 35 inwoners gelegen op de uitloper van een bergrugje met zicht op de Zuidelijke Vercors. Veel van de dorpen hier hadden vroeger meer inwoners. Zo woonden er in Jonchères in 1836 nog 339 zielen en nu dus 35. Pas de laatste jaren is er terug enige aangroei van vooral buitenlandse mensen, die er echter niet het hele jaar wonen.

Met de rug naar het dorp gekeerd kijken we op de keten van Praloubeau. We wandelen eerst door de weilanden en akkers recht naar de V-vormige inkeping in de bergketen, het laagste punt waar meestal de col gelegen is. In dit geval is het de col van Volvent gelegen op 1427 meter. We moeten dus 500 meter stijgen, waar een gemiddelde wandelaar toch 1.30 overdoet, mits je natuurlijk niet verloren wandelt. Ook dat is hier wel mogelijk. Het brede grind- en graspad is goed te bewandelen maar is meer bedoeld voor tractoren en bosmachines. Je moet deze ‘hoofdweg’ dan ook op tijd verlaten om op een echt mooi wandelpad uit te komen. Dus even goed uitkijken, je moet na ongeveer een half uur wandelen links naar omhoog waar een scheef houten bord de col aanduidt. Ik klaag hier niet, scheve houten wegwijzer kunen de route alleen maar spannender maken.

Hellingbos en pioenrozen

We wandelen nu ook in de schaduw, aan de rand van een hellingbos. Niet alleen wij voelen ons wat prettiger met af en toe wat beschutting tegen de onverbiddelijke zon, maar ook een hele bijzondere en zeldzame plant zoals de Wilde pioenroos voelt zich hier thuis. We zien nu regelmatig het typische blad en vooral de grote zaaddozen waar de opvallend rode zaden soms uitpeulen. Om de plant echt te zien bloeien moet je wel in de maand Mei komen wandelen.

We stijgen nu vrij snel naar de col. Het point-de-vue wordt steeds mooier. Onder ons is nu goed te zien hoe mooi het dorp gelegen is op die smalle rug. Naar de horizon toe kijken we nu ook over de lage bergen van de Claps heen en krijgen zicht op het Alpenmassief van de Devoluy. Nog even een bochtje om en we staan op de col. We zijn nu ongeveer aan de boomgrens en komen in een grazig gebied maar wel met veel Zuiderse lavendel en Alpense Gele gentiaan aan onze voeten, broederlijk naast mekaar.

Crête de Praloubeau

We willen niet afdalen naar Volvent maar klimmen nog iets hoger naar de kam (crête) van de Praloubeauketen. En daar kunnen we een uur rustig wandelen en genieten zonder zware inspanningen. Een wandeling over een bergkam is altijd, letterlijk en figuurlijk, duizelingwekkend. Hier nu, zien we links onder ons de vallei en weg van Bellegarde naar Luc, verder weg de grillige drieduizenders van de Dévoluy en nog verder weg de besneeuwde vierduizenders van de Ecrin. Rechts van ons de vallei en lavendelvelden van Volvent met als afsluiting van de vallei het massief van Saou en de Trois Becs.

Met de zon erbij, een verkoelend briesje, Sempervivums, Alliums en Zonneroosjes onder onze voeten voelen we ons in de zevende hemel. Semper-vivum tectorum, vrij vertaald ‘eeuwig leven op een dakje van de wereld’. Op deze hoogte voelt ook de wilde lavendel zich op zijn best. De compacte planten bloeien zeer gevarieerd blauw, vroeger werd op deze hoogte nog veel lavendel geoogst om er etherische olie uit te distilleren. De geneeskracht (kalmerend en ontsmettend) zou rond 1500 meter op zijn best zijn. Ik pluk nu natuurlijk een boeketje lavendel maar dat is maar net genoeg om 10 druppels etherische olie te winnen.

Col de la Motte en everzwijnen

Na een uur wandelen komen we in de nabijheid van een grote antenne. Iets ervoor verlaten we de kam, even een vrij stijl grinderig paadje naar beneden naar de Col de la Motte. Dat is de wandelverbinding tussen Jonchéres en La Motte Chalancon. Hier in deze omgeving heb ik regelmatig ontmoetingen met everzwijnen, vooral als je even van de weg af de bosschages induikt. Langs de weg zelf vind je meestal wel omgewoelde grond, waar de zwijnen eikels tussen de keien zoeken. Met of zonder zwijnen, Wij wandelen nu natuurlijk richting Jonchéres naar Ferme du Col, de enige boerderij in deze beboste vallei en bereiken na een uurtje wandelen de verharde weg in een grote bocht net onder Jonchères. Even links de weg naar omhoog, in de diepte zie je nog een kleine lavendeldistilleerderij, en dan zijn we weer bij ons vertrekpunt.

Planten: Akkeronkruiden en Pioenroos

In het eerste deel van de wandeling tussen de graanakkers en weilanden groeien dikwijls ook veel akkeronkruiden Klaproos, Korenbloem en Spiegelklokje, maar ook de goed eetbare Wilde prei is hier te proeven. In het hellingbos vinden we vrij veel Pioenrozen (Paeonia officinalis), een zeldzame beschermde plant die we natuurlijk niet mogen plukken, maar die in de Chinese kruidengeneeskunde nog medisch gebruikt wordt bij vrouwenkwalen. Dodonaeus spreekt zelf van Pioene mannekens en Pioene wijfkens, en hij schrijft dat ' op dopperste van den stelen wassen die bloemen die groot root ende seer schoon sijn schier een roode Roose ghelijckende'. Op de Praloubeaukam komen we in een droog, zonnig en winderig biotoop terecht, waar vooral vetplanten zoals Huislook, Vetkruid en Steenbreek samen met Lavendel zich thuis voelen. De wilde lavendel (Lavandula angustifolia) wordt in de streek 'le fine',' le sauvage' of 'le vraie' genoemd. Dus de fijne, de wilde en de echte.
© 2008 Herborist, gepubliceerd in Reisverhalen (Reizen en Recreatie) op 31-08-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Herborist is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Dagboek van een herborist. Maurice Godefridi. Herbarius uitgave.
  • Kruidenstages in Bellegarde-en-Diois. Herboristen Vereniging.
  • Franse IGN kaart 3228 OT / 1:25.000. Luc-en-Diois

Reageer op het artikel "Kruidenwandeling bij Jonchères"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.